Het verslagje van de laatste 3 dagen hier in Tamworth… Deze keer zijn er geen foto’s bij omdat het inladen van de foto’s echt te traag gaat… Geen paniek, ze komen allemaal wel op picasa per dag, dus kunnen ze achteraf nog bekeken worden en als ik in Sydney een vlottere verbinding heb, zal ik ze er nog wel tussen zetten (en dat laten weten!)
Vrijdag hadden we de geplande uitstap die georganiseerd werd door de mensen van hier. Zo gingen we eerst kijken naar een aantal aboriginalssite hier en kregen we er de uitleg van Bob Faulkner bij. De tocht ging over de heuvels en de verschillende rotsen die hier overal uit het landschap uitsteken. We stopten ook even bij de rotstekeningen die gemaakt zijn op de rotswand met een okerrode kleur, echte pareltjes van de lokale cultuur. De tocht ging dan verder de heuvel op en zo stopten we op de top en kregen we een meer dan schitterend zicht op de vallei waar nauwelijks huizen in staan en dus een stukje ongerepte natuur is in de wereld. Het was een moment om even helemaal stil van te worden want zo’n vlakte zonder enig huis of nauwelijks een huis zijn we helemaal niet gewoon bij ons.
Daarna vertrokken we terug naar Tamworth voor een tussenstop aan de school om dan verder te rijden naar Nundle. De tocht duurde zeker een uur in de bus en rara, ik was weer in slaap gevallen. Het zijn hier best vermoeiende dagen en elke gelegenheid om wat te dutten wordt hier dan ook door iedereen aangegrepen om even bij te slapen. Aangekomen in Nundle reed de bus eerst naar een schapenbedrijf. Blijkbaar moesten we eerst ergens anders naartoe gereden zijn om te eten maar nu stonden we al in de middle of nowhere en gingen we dus eerst maar kijken naar hoe ze hier schapen scheren. Het ging bijzonder vlot en in kleine groepjes keken we toe hoe een ‘wollig’ schaap een ‘geschoren’ schaap werd.
Na het scheren van de schapen gingen we terug down town. Daar kregen we eindelijk onze lunch, Australische barbecue. Hier wil dat zeggen dat er veel vlees is en heel weinig groenten, eigenlijk het omgekeerde van wat wij gewoon zijn. Het werd een lunch in sneltreinvaart want we hadden bij het uitstappen uit de bus nog exact 1uur om en te eten, en de Woolen Mill te bezoeken en de gold mine…
Na de lunch ging het dus richting Woolen Mill waar we zagen hoe van de schapenvacht verwerkte wol gemaakt werd in de verschillende stappen. Er was daarna een korte gelegenheid om het winkeltje te bezoeken om daarna te hollen naar de Gold Mine. Daar zagen we de plaatselijke geschiedenis van het stadje Nundle dat eigenlijk speciaal gebouwd werd voor de ontginning van goud in de streek. Op een drafje (of rush) door de mijn en dan terug de bus in naar huis.
In Tamworth stond Sarah ons al op te wachten aan de bus maar ze was met de auto, terwijl we amper op 500m van de school zitten. Ze dacht dat we te moe zouden zijn om te voet terug te wandelen. De Aussies doen echt alles met de auto, hier is nauwelijks een fietser te zien en ver wandelen is helemaal not done. Hun idee is waarom je jezelf moe zou maken als het ook gemakkelijker kan… En dat staat dan in schril contrast met de hype die hier rond sport hangt, echt iedereen doet minstens 1 sport…
’s Avonds hadden we een officiele receptie in Tamworth met de burgemeester en de organisatie van het stadje hier. Gastfamilies waren om de een of andere reden niet toegelaten. De dochter Rebekka stond er op om ons naar het stadje te voeren, ze stond haar moeder echt te overtuigen om ons te mogen wegbrengen. Toen we achteraf terug waren, vertelde Sarah dat Rebecca en Emma dachten dat we van die oerconservatieve neurds zouden zijn die heel de tijd niks anders zouden doen dan bidden en braaf wezen. Maar na een dag had Rebekka haar ongelijk al moeten toegeven en had Emma er blijkbaar ook al spijt van dat ze niet bij haar ouders thuis was op het moment dat wij zouden komen.
De receptie zelf was een stuk beter dan die in Armidale. Er waren verschillende soorten hapjes gaande van suschi tot warme worstjes, tot kaas, tot groentenzakjes… Ook de drank was een pak beter, er was nu ook alcohol voorzien, maar niet voor de minderjarigen natuurlijk.
Bij een officiele receptie hoort ook altijd een formeel gedeelte waarin hier de burgemeester ons namens de stad welkom heette en het een eer vond om pelgrims te mogen ontvangen. Omdat er ook iemand van onze delegatie het woord moest nemen, werd dit opgenomen door Dirk, de deken van Leuven, die voor de verandering zijn ‘colleke’ aan had. Hij werd voorgesteld als ‘Father Durk’ en natuurlijk lagen we al plat van het lachen omdat we helemaal niet gewoon zijn dat onze priester ‘vader’ genoemd worden en ook met de grappige uitspraak van de naam ‘Dirk’. Ook het Engels van onze dierbare deken kon een pak beter. Het was een toespraak met veel haar op en hier en daar was er ook een Nederlands woord te bespeuren. Toch roemde de burgemeester onze dierbare deken omdat hij het al aankon om zich verstaanbaar te maken in een andere taal, iets wat de meeste mensen hier niet kunnen.
Zaterdag was een dag die mocht ingevuld worden door de gastfamilies zelf. Er waren wel wat activiteiten voorgesteld maar we mochten dus vrij kiezen. Eerst hadden we een bezoek aan de ‘Old peoples craft shop’ op ons programma gezet. Dit stond niet op de lijst maar werd door Sarah voorgesteld als interessant om eens te bezoeken. Het idee achter deze craft shop is dat de gepensioneerden naar daar komen en zich leuk bezig houden met naaien, houtbewerking, steenbewerking, quilts… Alles wat dan gemaakt wordt, of toch heel veel, wordt dan in het winkeltje gelegd en verkocht. De opbrengst hiervan wordt gebruikt om gebouwen te kopen of te renoveren, materiaal aan te kopen, aan goede doelen te geven… Echt een zinvol bezig houden van de mensen op een oudere leeftijd en ze blijven ook samenkomen elke keer en leren zelfs bij, zoals met een pc werken.
Daarna trokken we even het stad in voor een wandeling langs de parken en de winkeltjes. De parken zijn hier allemaal met een thema gebouwd, zoals een park voor het 200-jarig bestaan van de kolonisatie of een warmemorial voor de soldaten die in Europa kwamen vechten tijdens de wereldoorlogen… De winkelstraat is heel typisch en kan bijna overal in de wereld gevonden worden volgens mij. Hier en daar is er wel een shopping center maar eigenlijk blijft dat al bij al beperkt. Tijdens onze wandeling kwamen we op verschillende punten pelgrims tegen en er heerst zo’n groepsgevoel en een nood om elkaar dan te knuffelen. Sommige mensen kwamen vragen wie we waren en waren echt heel curieus naar hoe het kwam dat er zoveel Belgen in de straten rondliepen.
Blijkbaar was er een onafgesproken plan om in de namiddag allemaal eens naar het rugby te gaan kijken. We aten daar zelfs de typische ‘meat pie’ en dronken er een goeie ‘coke’ bij. Van het spel heb ik nog altijd niets begrepen en dus deden we maar enthousiast elke keer de bal in de goede richting ging. Natuurlijk supporterden we voor Tamworth en wonnen ze op de koop toe. De rugbyspelers waren best wel knappe jongens maar ook de lijnrechters mochten er wezen ![]()
Tijdens de match ontvouwden we de vlaggen van Belgie en Vlaanderen die een aantal mensen bij zich hadden en onder de break zongen we oa ons volkslied en wist dus iedereen ter plaatse dat er Belgische mensen aan het kijken waren. Na de match trokken we met een aantal het veld op om met de spelers te poseren voor een foto. De mannen wisten echt niet wat ze hoorden en zagen maar volgens Sarah waren ze best wel in de wolken met ons enthousiasme.
Na de match reden we nog naar het Endeavour Park waar we de kans hadden om heel kort bij de kangoeroes te komen en gingen we ook eens praten met de cacketoo’s (hoe je het ook schrijft) die u dan mooi napraten… Op weg naar huis stopten we nog aan een look-out om te zien hoe uitgespreid Tamworth wel is en hoe er een groene lijn doorheen de stad gaat. De rivier stroomt dwars door de stad en als een voorzorgsmaatregel zijn er ruime oevers naast om bij veel water deze onder water te kunnen zetten. Hier trokken we wat originele foto’s omdat we het gewone poseren al wat beu zijn (zie berichtje gisteren)
’s Avonds werden we hier verwacht op de ‘Country Line Dancing’, een avond speciaal ingericht voor de pelgrims in Tamworth. Eerst was er een groot buffet met vanalles om te eten, en natuurlijk heel veel vlees waaronder kangoeroe. Nadat we onze buiken bijna letterlijk rond gegeten hadden, werd het tijd om de spieren los te gooien. We speelden eerst een kennismakingsspel met 2 cirkels die rondwandelden en als de muziek stopte, moest je beginnen praten met diegene die voor je stond totdat de muziek terug begon te spelen. Daarna leerden we een echte countrydance en die danste we regelmatig op allerlei melodietjes, zoals wij hier de jig op vanalles kunnen dansen. We dansten ook nog een hoocky pooky en hadden veel plezier. Om de avond af te sluiten, leerden we de mensen hier het smidje dansen. Cd opgezet en een paar mensen achter de micro en vertrokken. De mensen hier waren er snel mee weg en waarschijnlijk hebben we hypes uitgewisseld.
Vandaag (zondag) hadden we nog een dagje met het gastgezin maar hier is iedereen het kot uit. Rebecca is naar Sydney vertrokken voor een stage in een ziekenhuis en John is zijn vader gaan bezoeken die hersteld van een hartoperatie. Blijkbaar moest hij vandaag nog een operatie ondergaan omdat er vocht op zijn hart zou zitten dus was het wel even spannend hoe dat vandaag zou aflopen. Gelukkig kregen we daarstraks een bericht dat de operatie heel goed verlopen is en het zelfs al beter gaat dan verwacht.
We trokken er vandaag op uit naar Gunnedah. We wilden koala’s zien en dus had Sarah haar moeder gebeld. Die had voorgesteld dat we eerst naar een Wildlife Park zouden gaan en dan bij haar zouden komen lunchen. In het wildlife park waren er blijkbaar nog andere pelgrims aanwezig en dus werd het weer een samengaan van de pelgrims. We kregen in het park de kans om de koala’s te aaien en dus van heel kortbij te zien. Eigenlijk waren er behoorlijk wat inlandse dieren aanwezig in het park en kregen we dus heel de fauna en flora van Australie te zien. Toen we gingen vertrekken, zagen we nog een kangoeroe kort bij het hek zitten en kregen we de kans om ook een kangoeroe te aaien. Hoe zacht deze beesten toch zijn! Ook koala’s! Het zijn net teddyberen en ze zijn zo schattig dat ik ze wel direct zou willen meenemen naar huis…
Na het park gingen we naar Sarahs moeder die voor ons een hele lunch had klaar gemaakt. Lams vlees, boontjes en patatten, typisch Australisch om op een zondag te geven. Het eten was gewoon heerlijk en dat terwijl we het konden opeten op een terras buiten met een heerlijke temperatuur, wat kan een mens nog meer verwachten?
Voor we vertrokken, wilde Lois nog dat we in een atlas aanduidden waar we exact leven in Belgie. In de atlas vonden we een zeer gedetailleerde kaart van ons landje naar Australische normen en konden perfect aanduien waar Aarschot lag. Voor de mensen hier was dat een hele ervaring! De moeder stond er ook op dat we haar gastenboek zouden tekenen. Dit deden we dan ook zeer gewillig en zo was iedereen blij. Dan moesten we al terug vertrekken naar Tamworth, het was ongeveer een uur rijden vanuit Gunnedah.
Voor we naar huis gingen, stopten we eerst nog aan de ‘Big Golden Guitar’, het uithangsbord van het stadje hier. We namen weer in typisch toeristische stijl foto’s en gingen ook even de giftshop binnen. Veel tijd om er te blijven hangen, was er niet want we moesten om half 6 in de kerk zijn voor de speciale misviering die voor ons hier werd gehouden. Na nog een korte stop thuis voor ons tochtboek te gaan halen, ging het richting kerk waar het echt zwart zag van het volk. De pastoor zei het al direct dat het elke zondag WJD zou moeten zijn… De mis verloopt hier echt een pak conservatiever dan bij ons en ook de preek was een beetje gedurfd naar onze standaarden, maar niet gezaagd, het kan altijd veel erger!
Na de kerk vonden we dat we nog iets moeten gaan drinken om onze laatste avond hier te vieren. Onze gastfamilies bedachten waar het best konden gaan. Uiteindelijk werd er beslist om naar een soort van casino te gaan. Maar dan moet ge minstens iemand bij hebben die lid is en dan moet ge u laten registeren als meerderjarige om gebruik te kunnen maken van alcohol en op de machines te mogen spelen. Na een tijdje waren we er echt met een hele hoop verzameld en was het dus een receptie bis. Sarah was een paar verschillende bieren gaan halen om ons te laten proeven van de Australische bieren. Het kon natuurlijk erger maar natuurlijk blijft ons Belgisch bier het enige echte bier. Tegen half negen waren we eigenlijk uitgehongerd en keerden we terug naar huis.
Hier verwende Sarah ons met allerlei zoetigheden en lekkere pompoensoep. Ineens zette ze ons allemaal in de zetel en had ze blijkbaar voor ons alle 4 cadeautjes voorzien vanuit de craft shop. Ze zijn echt geweldig. Ook Pieter zong even wat liedjes op de gitaar, wat een heel gezellige sfeer gaf. Tijdens zo’n liedje kwam John terug uit Sydney en vond het geweldig om ons bezig te horen.
Morgen vertrekken we hier alweer en gaan we richting Sydney waar Jeroen en ik blijkbaar weer in een gastgezin liggen, tenzij het weer allemaal veranderd zoals vorige keer…
Hopelijk tot in Sydney!
K

























Recente reacties